Verboden woord

Ik ga het gewoon doen, het verboden woord gebruiken: jaloezie.

Om jaloers-zijn hangt altijd een beetje een taboe, want het heeft iets kinderachtig om jaloers te zijn en ik censureer mezelf altijd: wat heb jij nou te zeuren?!  En ja, alles kan altijd veel erger, veel zwaarder. Het is waar en toch ben ik het soms. Jaloers om mijn vriendinnen in een groepsapp: wie gaat er mee een terrasje pakken? Skaten? Borrelen? Bioscoopje pakken? Jaloers op mensen die wekenlang op reis gaan, de hele wereld zien, of zich juist vastbijten in een klus, een uitdaging, een carrière waarvoor alles moet wijken.

Bij mij wijkt er niets, wekenlang weggaan is er niet bij en spontane acties zijn een no-go, want altijd is daar Nadja. Nadja die mijn zorg en hulp nodig heeft. Nadja die niet langer dan een week zonder ons kan.

In de sportschool ving ik een gesprekje op tussen twee moeders met schoolgaande kinderen. Ze waren zo blij als na een vakantie school weer begon. Even voelde ik me met hen verbonden, maar toen dacht ik: zij zijn midden dertig, ik twintig jaar ouder. Als hun kinderen rond de twintig zijn, zoals Nadja nu, hebben zij hun handen allang vrij.

Ik denk dat veel mensen, zelfs goede vriendinnen, een beeld van mij hebben als de vrouw die zingend met Nadja op de duo-fiets door de stad rijdt, koffietjes met haar drinkt op de markt, cakes met haar bakt en vrolijk nieuwe outfits uitzoekt. En ja, dat doe ik én ik geniet ervan. Maar het is wat onzichtbaar is voor de rest van de wereld wat me soms nekt: de gesprekjes met Nadja die altijd hetzelfde zijn, de eeuwige kinderliedjes, de ellenlange ochtend en avondrituelen, de vele transfers in en uit de rolstoel, het gedoe om ergens te komen, de verschoningsronden, het aan- en uitdoen van spalken en zoveel meer. Kortom: de onzichtbare verzorging.

Dus, het is gezegd. Het woord is eruit. En, ben ik nou werkelijk jaloers op de reizen naar Azië, de kroegentochten of de concerten en films die ik mis? Nee, dat is het niet. Sommige dingen passen niet bij mij of hebben mijn interesse niet eens. Het is de vrijheid, het gemis aan spontaniteit. Dát is waar ik soms jaloers op ben. En dat moest er gewoon een keer uit.